Naar Thuisbladzijde
Leiden, een Heel-Nederlands succesverhaal - Door drs Ruud Bruyns *1)
In de 17de eeuw was Leiden een van de grootste steden van Holland en was het Leidse laken in heel Europa vermaard. Zoals Amsterdam destijds groot was door de handel, zo was Leiden groot door de nijverheid. Vele toeristen vergapen zich iedere zomer aan de schoonheid van de Leidse binnenstad, wanneer zij de stad met een bezoekje vereren op hun doorreis naar de luchthaven Schiphol of naar de naburige bollenvelden van de Keukenhof. Zij staan echter nauwelijks stil bij de wordingsgeschiedenis van deze stad. Dit artikel zal handelen over het Hollandse succesverhaal, met een Heel-Nederlandse noot.
Leiden tijdens de Middeleeuwen. Lugdunum Batavorum is de Latijnse benaming van Leiden, maar is dat pas sinds de Renaissance. Leiden is namelijk niet gesticht rond een Romeins castellum, wat de ligging aan de Rijn zou doen vermoeden, maar is pas in de vroege Middeleeuwen ontstaan. |
|
De nederzetting heeft zich waarschijnlijk ontwikkeld
onder de bescherming van de burcht, die uitkijkt op de samenloop van de
Oude en Nieuwe Rijn. |
Op een 17de eeuwse kaart van de cartograaf Blaeu is duidelijk de samenloop van de Nieuwe en de Oude Rijn te zien, met de omwalling die de stad moest beschermen . |
|
De gegoede burgerij en de Hollandse bevolking woonden
vooral in de oude wijken van het centrum en het zuiden van Leiden. De
Vlamingen kwamen grotendeels terecht in de nieuwe buitenwijken in het
noorden en oosten van de stad. De kleine universitaire gemeenschap was
vooral geconcentreerd rond het Rapenburg, waar de universiteitsgebouwen
zich bevonden. |
Een prominente Leidse Waal: Pieter de la Court, die het bracht van lakenkoopman tot ideoloog van Raadspensionaris Johan de Witt in de zestiger jaren van de zeventiende eeuw |
|
Het Leidse woordje ‘koekebak’ (pannekoek) komt
bijvoorbeeld zowel in Oost-, West- als Zuid-Vlaanderen (il est plat comme
une couquebaque) voor. Een typisch Leids woord van West-Vlaamse origine is
‘aakster’, wat een levendig/lastig (kwestie van perceptie) kindje is. Ook
een typisch Leids woordje is ‘meuje’ (tante), wat is afgeleid van ‘moeye’,
dat nu nog bekend is in Zuid-Vlaanderen. |
Sinds 1818 is dit voormalige gastenhuis aan de Breestraat de Waalse Kerk. Hier worden heden ten dage nog steeds diensten in het Frans gegeven. |
